Tien dingen over vleermuizen die je misschien nog niet wist

Sinds kort hebben wij een vleermuisvoorziening in onze gevel. Voor mij een mooie aanleiding om me verder te verdiepen in deze wonderlijke dieren.

Een paar jaar geleden bouwde ik al eens een eenvoudige batdetector. Dit jaar kwam daar een ultrasone microfoon bij die geluiden kan opnemen die wij mensen normaal nooit horen.

En hoe meer je luistert en leest, hoe bijzonderder de vleermuis wordt.

1. Het enige vliegende zoogdier

Vleermuizen zijn de enige zoogdieren die echt actief kunnen vliegen. Hun vleugels zijn eigenlijk sterk aangepaste handen met lange vingers en een vlieghuid ertussen.

2. Nederland heeft ongeveer achttien soorten

Bekende soorten zijn de gewone en ruige dwergvleermuis, de laatvlieger en de rosse vleermuis. Met een goede ultrasone microfoon kun je proberen te ontdekken welke soorten er bij jou vliegen.

3. Ze kwetteren ook gewoon

Tijdens het vliegen gebruiken vleermuizen ultrasone echolocatie. Maar in hun verblijfplaats kunnen ze ook voor mensen hoorbare geluiden maken. Sta je rustig bij een verblijfplaats, dan kun je soms verrassend vrolijk gekwetter horen.

4. Jagen klinkt als een versnelling

Wanneer een vleermuis een insect ontdekt, volgen de geluidssignalen steeds sneller op elkaar. Omgezet naar ons hoorbare bereik klinkt dat soms als geratel, een ritme of bijna als een klein liedje.

5. Kleine dieren, grote eters

Veel Nederlandse vleermuizen eten insecten. Een succesvolle nacht kan honderden insecten opleveren. Dat razendsnelle zigzaggen boven je tuin is dus vooral hard werken aan het avondeten.

6. Ze kunnen ook overdag vliegen

Vleermuizen zijn vooral nachtactief, maar ze kunnen ook overdag vliegen. De schemering en nacht zijn voor veel soorten simpelweg de gunstigste momenten om te jagen.

7. De herfst verandert alles

De herfst is balts-, paar- en trektijd. Sommige soorten, zoals de ruige dwergvleermuis, leggen grote afstanden af. Wie in verschillende seizoenen meet, kan dus verschillende vleermuizen tegenkomen.

8. Een smalle spleet is genoeg

Vleermuizen houden vaak juist van nauwe ruimtes. Een kleine spleet in een gevel of onder een dak kan al een prima verblijfplaats zijn.

9. Isoleren én ruimte maken voor natuur

We isoleren onze huizen steeds beter. Dat is goed voor het energieverbruik, maar oude spleten en spouwen verdwijnen daardoor ook. Voor vleermuizen betekent dat soms verlies van hun verblijfplaats. Gelukkig kunnen isoleren en natuurinclusief bouwen prima samengaan.

10. Nu is het wachten

Wij hebben inmiddels een vaste vleermuisvoorziening in onze gevel.

De leukste vraag is nu: komt er iemand wonen?

En zo ja: welke soort, wanneer en kunnen we hem misschien met onze ultrasone microfoon ontdekken?

Onze eigen ranglijst: wie verwachten wij in onze kast?

Op basis van het type ingebouwde, spleetvormige voorziening in onze gevel verwachten we vooral soorten die graag gebruikmaken van gebouwen en smalle ruimtes.

Onze voorlopige ranglijst:

1. Gewone dwergvleermuis ⭐⭐⭐⭐⭐
De meest waarschijnlijke bewoner. Deze soort is algemeen en gebruikt graag gebouwen, spouwen en smalle spleten.

2. Ruige dwergvleermuis ⭐⭐⭐⭐
Ook een goede kandidaat, vooral omdat deze soort gebouwen en spleetvormige verblijfplaatsen gebruikt. In de herfst wordt deze soort extra interessant door trek en balts.

3. Laatvlieger ⭐⭐⭐
Mogelijk, maar deze grotere soort heeft wel voldoende ruimte nodig in de voorziening.

4. Kleine dwergvleermuis ⭐⭐
Minder waarschijnlijk, maar niet uitgesloten bij een geschikt type ingebouwde voorziening.

5. Gewone grootoorvleermuis ⭐
Een mogelijkheid, maar voor dit specifieke type voorziening voorlopig onze minst waarschijnlijke kandidaat.

Onze ultrasone microfoon gaat ons hopelijk helpen om de komende tijd uit te zoeken welke soorten daadwerkelijk rond onze woning vliegen.

Meten is Weten. Soms begint weten gewoon met stil zijn en luisteren naar een wereld die wij normaal niet kunnen horen.