Werkgroep Eemerwaard
Jarenlang werd groenbeheer vaak op dezelfde manier uitgevoerd: het gras werd hoog, de maaier kwam en vervolgens werd alles in één keer kort gemaaid. Netjes, overzichtelijk en efficiënt. Maar ecologisch gezien betekende dit vaak dat voedsel, schuilplaatsen en structuur voor insecten en andere dieren tegelijkertijd verdwenen.
Gelukkig lijkt er steeds meer ruimte te komen voor een andere manier van denken. Niet stoppen met maaien, maar slimmer en bewuster maaien.
De kruidenberm op deze locatie is daarvan een mooi voorbeeld.



Op zichzelf is dit maar een klein stukje groen binnen Eemerwaard. Maar ecologisch staat het niet alleen. In de omgeving bevinden zich gras, kruiden, riet, bomen en andere vegetatie. Samen vormen deze elementen een veel grotere ecologische puzzel.
En juist vanuit dat grotere perspectief kunnen we constateren dat deze kruidenberm voor dit moment uitstekend is gemaaid.
Natuurinclusief beheer betekent namelijk niet dat alles altijd hoog moet blijven staan. Veel kruidenrijke vegetaties hebben juist maaibeheer nodig. Maaien zorgt voor licht en ruimte, voorkomt dat dominante planten alles overnemen en geeft kruiden opnieuw kansen om zich te ontwikkelen.
De kunst zit niet in de vraag:
Maaien of niet maaien?
Maar in de vraag:
Wat heeft dit stukje nodig als onderdeel van het grotere landschap?
Wanneer overal tegelijkertijd wordt gemaaid, ontstaat er een probleem. Maar wanneer verschillende plekken verschillende structuren hebben, ontstaat er een levend landschap. Kort gras naast hogere vegetatie. Kruiden naast riet. Open plekken naast bomen en beschutte randen.
Het ene stukje biedt voedsel. Een ander stukje biedt dekking. Weer een andere plek biedt rust of overwinteringsmogelijkheden.
Niet ieder stukje groen hoeft dus op ieder moment van het jaar alles te bieden.
Dat is misschien wel de belangrijkste stap in duurzaam maaibeheer: kijken naar het geheel in plaats van alleen naar het individuele grasveld of de berm.
De maaier is daarbij niet de vijand. Maaien blijft noodzakelijk. Maar uniform maaien — alles tegelijk, overal even kort en volgens hetzelfde schema — past steeds minder bij wat we inmiddels weten over biodiversiteit.
Voor deze kruidenberm lijkt nu een goede balans te zijn gevonden. Het gemaaide deel krijgt ruimte voor een nieuwe groeifase, terwijl in de directe omgeving andere structuren, waaronder riet en bomen, aanwezig blijven.
Na jaren waarin maaien vooral draaide om efficiëntie en een nette uitstraling, lijkt er gelukkig steeds meer licht te komen in duurzaam en natuurinclusief maaibeleid.
Niet door alles te laten groeien.
Maar door bewust te beheren.
Niet overal hetzelfde. Niet alles tegelijk. Maar kijken naar de grotere ecologische puzzel.
En binnen die puzzel is deze kruidenberm voor nu precies goed gemaaid.
